U bevindt zich op: Home nl Nieuws

Nieuws

18 augustus 2017
De Europese Commissie heeft in juli 2017 de verlenging van de goedkeuring gepubliceerd van de volgende werkzame stoffen in productsoort 14 (rodenticiden).
18 augustus 2017
De Europese Commissie heeft in juli 2017 de volgende werkzame stoffen goedgekeurd voor de bijbehorende productsoorten.
18 juli 2017
Met ingang van 15 februari 2018 verdwijnt in ons land de zogenoemde 'RUB-lijst'. Op deze lijst staan gewasbeschermingsmiddelen en biociden die voor 2007 zonder beoordeling tot de markt zijn toegelaten. Om producenten en distributeurs over deze intrekking te informeren en in de gelegenheid te stellen tijdig een toelating aan te vragen, heeft het Ctgb een plan van aanpak opgesteld.
6 juli 2017
ECHA heeft het herziene richtsnoer (guidance document) voor de PBT/vPvB beoordeling gepubliceerd. Het richtsnoer voor de milieurisicobeoordeling van biociden is in revisie, hiervan is een conceptversie gepubliceerd.
6 juli 2017
In september organiseert het Ctgb een workshop over de Evaluation Manual van 'groene' stoffen en middelen. In deze Evaluation Manual worden de datavereisten uiteengezet voor stoffen en middelen die gebaseerd zijn op micro-organismen, plantextracten en feromonen.
6 juli 2017
De samenvatting van de productkenmerken (SPC) is onderdeel van een product-aanvraag voor een biocide.
8 juni 2017
De Europese Commissie heeft de volgende werkzame stoffen goedgekeurd voor de bijbehorende productsoorten.
12 mei 2017
Er lopen op dit moment vanuit ECHA twee publieke consultaties:
22 maart 2017
Voor dossiers ingediend vanaf 30 mei 2016 beoordeelt het Ctgb de werkzaamheid van desinfectiemiddelen binnen producttype 1 tot 4 volgens het richtsnoer van de Europese Unie. Dit heeft gevolgen voor de manier waarop virusclaims worden verwoord op de etiketten van desinfectiemiddelen.
9 februari 2017
ECHA doet een oproep voor het indienen van een kennisgeving om werkzame stoffen aan het Werkprogramma toe te voegen. Het gaat om werkzame stoffen die naast hun toepassing in lok- of afweermiddelen (productsoort 19) ook worden gebruikt als voedingsmiddel of als diervoeder. De kennisgeving moet voor 24 februari 2017 zijn ingediend.
9 februari 2017
ECHA heeft een nieuw richtsnoer (guidance) gepubliceerd voor het beoordelen van desinfectiebijproducten (de zogenaamde DBP’s). DBP’s zijn bijproducten die worden gevormd bij de toepassing van biociden die halogenen bevatten (chloor, broom). Zo komen deze DBP’s vrij bij desinfectie van zwemwater doordat het desinfectiemiddel reageert met het aanwezige organische materiaal. De bijproducten zijn soms giftiger dan de actieve stof en er kunnen veel verschillende DBP’s (tegelijk) ontstaan.
19 januari 2017
Ondanks de nieuwe voorstellen van de criteria is er nog steeds veel verdeeldheid tussen de lidstaten over het vaststellen van criteria voor hormoonverstorende stoffen in biociden en gewasbeschermingsmiddelen. Tijdens een vergadering van de Europese Commissie in december stemden lidstaten negatief over het nieuwe voorstel van de Commissie.
16 december 2016
De omvang van ganzen- en meeuwenpopulaties kan worden beheersd door de eieren met paraffineolie te behandelen ('egg oiling'). De Europese Commissie heeft besloten dat deze producten geen biociden zijn.
16 december 2016
Belanghebbenden kunnen bij ECHA informatie indienen over alternatieven voor de werkzame stof acetamiprid. Acetamiprid is een stof die voor vervanging in aanmerking komt. Deadline voor indienen van informatie is 17 januari 2017.
15 december 2016
Begin november zijn tien werkzame stoffen goedgekeurd voor gebruik in biociden in het Europese beoordelingsproces dat onder de biocidenverordening wordt uitgevoerd. Voor elke stof is het goedkeuringstraject afgerond met de publicatie van een Uitvoeringsverordening.

27 oktober 2016
Bedrijven die momenteel buiten, rond gebouwen, rodenticiden toepassen, moeten zijn opgenomen in het register van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Om dit te mogen blijven doen, moeten bedrijven en instanties per 1 januari 2017 beschikken over een aanvullende opleiding en een certificaat voor IPM (Integrated Pest Management) Rattenbeheersing én zijn opgenomen in het register van de Stichting KPMB (Keurmerk Plaagdiermanagement Bedrijven). De Stichting KPMB is de schemabeheerder voor certificering voor IPM Rattenbeheersing.
27 oktober 2016
Verschillende werkzame stoffen die worden ingezet als afweermiddel of lokstof (productsoort 19) zijn ook levensmiddel of diervoeder. Een aantal van deze stoffen wordt versneld opgenomen in Bijlage I van de biocidenverordening (BPR).
27 oktober 2016
Op initiatief van industriepartijen is de Uitvoeringsverordening die de toelating van ‘a same biocidal product’ (SBP) regelt herzien. Een SBP is een product dat identiek is aan een biocide of een biocidefamilie die al een toelating verkregen heeft, of waarvoor de aanvraag voor toelating is ingediend. Het product of de familie die al toegelaten is of waarvoor de toelating is aangevraagd, heet het 'verwante referentieproduct'.
20 oktober 2016
Er geldt een nieuwe beleidsregel voor naamgeving van biociden en gewasbeschermingsmiddelen. Deze beleidsregel geeft een nadere uitwerking aan de Europese regelgeving, waar onder de biocideverordening. De beleidsregel is op dinsdag 18 oktober in de Staatscourant gepubliceerd. Hiermee is de bestaande beleidsregel, die gebaseerd was op de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, vervangen.
6 oktober 2016
Voor de bestrijding van exotische muggen zijn biociden nodig die geen toelating hebben voor de Nederlandse markt. Om deze biociden toch te kunnen gebruiken, verleent het ministerie van Infrastructuur en Milieu een vrijstelling voor een aantal middelen onder specifieke omstandigheden. De lopende vrijstelling gold alleen voor de locaties van bedrijven voor gebruikte banden. Nu zijn echter ook dergelijke exotische muggen aangetroffen in onder andere een woonwijk in Veenendaal. Om ook hier deze muggen te kunnen bestrijden, is de vrijstelling uitgebreid.
6 oktober 2016
Verschillende Tweede Kamerleden hebben bezorgdheden geuit over de impact van de criteria die de Europese Commissie heeft voorgesteld voor identificatie van hormoonverstorende stoffen binnen de wettelijke kaders van gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Dit gebeurde tijdens een debat op 14 september met staatsecretaris Van Dam van Economische Zaken en staatsecretaris Dijksma van Infrastructuur en Milieu.
6 oktober 2016
Het Ctgb heeft het beleid voor het afgeven van respijttermijnen (aflever- en opgebruiktermijn) bij niet verlengen, wijzigen of intrekken van een toelating aangepast. Het nieuwe beleid is sinds 1 september 2016 van kracht.
30 september 2016
Tijdens het symposium van het Kennisnetwerk Biociden op 13 oktober in Utrecht is er gelegenheid om input te leveren op biociden.nl. Wat vindt u goed aan de website en wat kan er beter? Tijdens het symposium kunt u meepraten over het spanningsveld tussen de roep van de samenleving om verduurzaming en de gewenste beschikbaarheid van mogelijkheden en middelen wanneer gebruik écht nodig is.
15 september 2016
Biocidenproducenten mogen de beoordeling van technische gelijkwaardigheid opnemen in hun voorwaarden voor data-sharing. Het gaat hierbij onder andere om de beoordeling van de chemische samenstelling en het risicoprofiel. Dit staat in het eerste besluit dat ECHA’s kamer van beroep heeft genomen over het delen van gegevens in het kader van de Europese Biocidenverordening.
14 september 2016
Een paardendeken die bedoeld is voor de bescherming van paarden en hun omgeving tegen insecten (dazen en stalvliegen) is een biocide. Dit blijkt uit een besluit van de Europese Commissie. De deken wordt beschouwd als biocide omdat de primaire werking een biocidale werking is.
14 september 2016
Het Ctgb constateert dat toelatinghouders in een aantal gevallen de verplichtingen niet nakomen die volgen uit de gewijzigde CLP-classificatie van de stof formaldehyde. Tot op heden heeft het Ctgb slechts voor één toegelaten middel een dergelijke aanvraag ontvangen. Gezien de verzwaarde classificatie van formaldehyde (carcinogeen 1B), wijst het Ctgb op de eigen verantwoordelijkheid van toelatinghouders om de etiketten aan te passen.
19 augustus 2016
Voor acht werkzame stoffen die gebruikt worden in rodenticiden (PT 14) is een publieke consultatie gaande. Het gaat om brodifacoum, bromadiolone, chlorophacinone, coumatetralyl, difenacoum, difethialone, flocoumafe en warfarine. Omdat de goedkeuringstermijn van deze werkzame stoffen binnenkort verstrijkt, zijn de dossiers van deze stoffen herbeoordeeld. De uitkomst is dat alle acht stoffen aan een of meer exclusiecriteria voldoen.
19 augustus 2016
Begin juli zijn elf werkzame stoffen goedgekeurd voor gebruik in biociden in het Europese proces dat onder de biocidenverordening wordt uitgevoerd. Voor elke stof is het goedkeuringstraject afgerond met de publicatie van een Uitvoeringsverordening.
16 augustus 2016
Het Ctgb wijzigt de beoordeling van de desinfectiemiddelen in productsoort 1 tot 4 (menselijke hygiëne, desinfecteermiddelen en algiciden die niet rechtstreeks op mens of dier worden gebruikt, dierhygiëne en voeding en diervoeders). Vanaf 30 mei 2016 werkt het Ctgb ook met de EU-guidance desinfectiemiddelen, voor zowel de BPR middelaanvragen, als voor het Nederlandse overgangsrecht.
30 juni 2016
De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) controleert reinigingsbedrijven dit jaar op het juiste gebruik van desinfecteermiddelen. Deze zijn nodig om bijvoorbeeld schimmels en bacteriën te doden op muren en vloeren of in luchtverversingssystemen. Bij onjuist gebruik kunnen ze schadelijk zijn voor mens en milieu.
9 juni 2016
Uiterlijk 1 september 2016 moeten bedrijven een aanvraag hebben ingediend voor plaatsing (goedkeuring) van de actieve stof in biocidenproducten die destijds niet onder de biocidenrichtlijn vielen maar die nu wel onder de biocidenverordening vallen.
6 juni 2016
Onderzoek van Bureau KLB laat zien dat in allerlei sectoren al wordt gekozen voor biociden op basis van andere stoffen dan formaldehyde. Ook blijkt dat bij veel belanghebbenden al bekend is dat het gebruik van formaldehyde gezondheidsrisico’s op kan leveren. Er is echter ook nog een aantal knelpunten voor de vervanging van biociden met formaldehyde.
31 maart 2016
Producenten en distributeurs/handelaren van antifouling - aangroeiwerende verfsystemen voor schepen - gaan veelal in de fout bij het aanbieden van dit product op de markt. Zo worden er producten aangeboden die niet of niet meer zijn toegelaten. Ook zijn de etiketten niet altijd voorzien van voldoende informatie. Dat constateert de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) na 102 controles vorig jaar.
16 maart 2016
Voor vier werkzame stof – productsoort combinaties in het werkprogramma hebben de deelnemers zich teruggetrokken. Het gaat om citroenzuur in productsoort 1, chloordioxide in productsoort 1, pyridine - 2 - thiol 1 - oxide, natriumzout (natriumpyrithion) in productsoort 3 en cetylpyridiniumchloride in productsoort 2. ECHA heeft een kennisgevingsprocedure gestart. Belanghebbenden kunnen voor februari 2017 een kennisgeving indienen om de rol van deelnemer over te nemen.
16 maart 2016
Belanghebbenden kunnen bij ECHA informatie indienen over alternatieven voor werkzame stoffen die voor vervanging in aanmerking komen. Het gaat om de stof PHMB (Polyhexamethylene biguanide). ECHA wil informatie over alternatieven voor toepassing van de stof in producten voor het desinfecteren van drinkwater voor mens en dier (productsoort 5). De stof is niet eerder voor dit doel goedgekeurd.
24 februari 2016
Er gelden nieuwe regels voor het in werking treden van nieuwe Europese richtsnoeren (guidances) voor stofgoedkeuringen en het indienen van nieuwe informatie gedurende het stofgoedkeuringsproces. Aanvragers moeten richtsnoeren toepassen die zes maanden of langer voor het indienen van het dossier beschikbaar waren. Voorheen was het niet mogelijk om gedurende het stofgoedkeuringsproces nieuwe informatie aan het dossier toe te voegen, vanaf nu is dat onder voorwaarden wel mogelijk.
14 januari 2016
Belanghebbenden kunnen bij ECHA informatie indienen over alternatieven voor werkzame stoffen die voor vervanging in aanmerking komen. Het gaat om de stoffen brodifacoum, bromadiolone, chlorophacinone, coumatetralyl, difenacoum, difethialone, flocoumafen en warfarine. Deze stoffen worden gebruikt in biociden die als rodenticide worden toegepast.
15 december 2015
In 2016 worden regels van kracht voor voorwerpen die met biociden zijn behandeld. Deze ‘behandelde voorwerpen’ vallen sinds 2013 onder de biocidenverordening. Er komt onder andere een beoordelingsverplichting voor de werkzame stoffen waarmee de voorwerpen zijn behandeld. Deze verplichting wordt stapsgewijs ingevoerd en 2016 wordt hierin een belangrijk jaar.
1 december 2015
De nationale biocideninspecties gaan Europees samenwerken in de nieuwe handhavingsgroep BEG (BPR Enforcement Group). Doel hiervan is het uitwisselen van informatie en kennis en het harmoniseren van inspecties, zodat een gelijk speelveld ontstaat. De lidstaten zijn en blijven zelfstandig verantwoordelijk voor de uitvoering van toezicht en de handhaving van de Europese Biocidenverordening (BPR).
13 november 2015
Het Ctgb organiseert begint december 2 biociden workshops over biocidenaanvragen:
13 november 2015
Onder de oude Biocidenrichtlijn werd in de Manual of Decisions (MoD) vastgelegd of bepaalde producten volgens de richtlijn gezien moeten worden als biocide of niet. De Biocidenrichtlijn is in september 2013 vervangen door de Biocidenverordening. Daarmee werd de status van de MoD onduidelijk. De Europese Commissie heeft de MoD met ingang van 1 oktober 2015 buiten werking gesteld.
23 oktober 2015
De Europese Commissie heeft een Manual of Decisions ingetrokken om verwarring te voorkomen over de vraag of vlokmiddelen onder de biocidenregelgeving vallen. Het gaat hier om middelen die als doel hebben algen te laten uitvlokken. In 2012 heeft het Europese Hof van Justitie geoordeeld dat producten die indirect werken op doelorganismen onder de biociden regelgeving vallen (Söll-arrest).
23 oktober 2015
Het Europees Chemicaliën Agentschap (ECHA) heeft recent de eerste twee aanvragen voor unietoelating ontvangen. Het proces van unietoelating is een nieuwe mogelijkheid die bestaat sinds het van kracht worden van de Europese Biocidenverordening (1 september 2013). Met een besluit voor unietoelating mag het middel in alle EU-lidstaten op de markt worden gebracht.
23 oktober 2015
Toepassing van CO2 bij het bestrijden van veldmuizen is mogelijk omdat de stof op de RUB-lijst (Regeling Uitzondering Bestrijdingsmiddelen) staat. Dat schrijft staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken in een brief aan de Tweede Kamer. In principe is het gebruik van de CO2 voor de bestrijding van veldmuizen niet toegelaten conform de Europese biocidenverordening. Voordat een toelating afgegeven kan worden, moet de stof Europees goedgekeurd zijn voor gebruik in of als een bestrijdingsmiddel.
20 oktober 2015
Het RIVM heeft een methode ontwikkeld om beter gebruik te kunnen maken van openbare wetenschappelijke literatuur bij de beoordeling van de effecten van chemische stoffen – zoals biociden - op waterorganismen. Openbare wetenschappelijke literatuur is een goede aanvulling op de standaardtoetsen die door de industrie moeten worden uitgevoerd, maar het is vaak lastig om de betrouwbaarheid van dit soort studies te beoordelen.
20 oktober 2015
Per 1 januari 2016 is de nieuwe classificatie van formaldehyde als carcinogeen (kankerverwekkend) officieel van kracht. Formaldehyde is de werkzame stof in veel desinfecteer- en conserveringsmiddelen. Als er voldoende alternatieven beschikbaar zijn, zal het Ctgb in principe geen biociden met formaldehyde toelaten tot de markt. De beschikbaarheid van alternatieven zal eerst per branche nader worden onderzocht.
6 oktober 2015
Er zijn diverse stoffen beoordeeld voor de bijbehorende producttypen.
22 september 2015
De eerste deadlines voor het indienen van kennisgevingen om van combinaties actieve stoffen en producttypen binnen het Werkprogramma van de Biocidenverordening, zijn in oktober. Voor 14 oktober 2015 moeten bedrijven bij ECHA een kennisgeving indienen als zij dialuminium chloride pentahydroxide willen blijven gebruiken als actieve stof in productsoort 2 (desinfecteermiddelen en algiciden die niet rechtstreeks op mens of dier worden gebruikt).
25 augustus 2015
ECHA heeft een ‘guidance document’ (richtsnoer) gepubliceerd over biociden met micro-organismen als werkzame stof. Het document beschrijft verplichtingen voor aanvragers bij goedkeuring van actieve stoffen en product-toelating. Het document bevat de dossiervereisten en technisch advies over onder andere het uitvoeren van de risicobeoordeling.
25 augustus 2015
Bij desinfectie van onder andere zwemwater komen bijproducten vrij doordat het desinfectiemiddel reageert met het aanwezige organische materiaal. Deze desinfectie bijproducten (de zogenaamde DBP’s) zijn soms giftiger dan de actieve stof. Als voorzitter van een Europese werkgroep doet het RIVM binnenkort een voorstel aan ECHA voor de risicobeoordeling van deze bijproducten bij de Europese toelatingsbeoordeling van biociden.
14 juli 2015
Via de import van gebruikte autobanden kunnen exotische muggen met tropische ziektekiemen in Nederland terechtkomen. Het convenant dat overheid en bandenbranche sloten om dit probleem tegen te gaan, is met een jaar verlengd.
13 mei 2014
De Europese wetgeving voor biociden is per 1 september 2013 veranderd. Onder de nieuwe Biocidenverordening (BPR) vervalt de vrijstelling voor in situ generatie van chloor uit natriumchloride. Dit betekent dat stofgoedkeuring op Europees niveau en producttoelating op nationaal niveau nodig zijn. Een dossier voor goedkeuring van de werkzame stof moet uiterlijk 1 september 2016 worden ingediend. Volgens de Verordening moeten leveranciers van een werkzame stof of de leverancier van een product met een werkzame stof zich voor 1 september 2015 registeren bij ECHA.
Zoeken:

Service